Niveau A2 - Lezen - Tekst 4

Lees eerst de tekst.
Zoek woorden die je niet kent op in de woordenlijst rechts.
Maak dan de oefeningen.

In de bergen

In de zomer gaan veel mensen op vakantie. Sommigen gaan naar een camping in Nederland. Anderen vliegen naar Spanje, voor een vakantie aan het strand. En sommige mensen gaan wandelen in de bergen.

Hoogste berg
Er zijn een heleboel(2) bergen in de wereld. Lage en hoge bergen. De meeste hoge bergen vind je in het werelddeel Azië. De hoogste berg van de wereld(1) staat in het land Nepal. Deze berg heet de Mount Everest. De Mount Everest is bijna 9000 meter hoog.

Planten
Op een berg groeien planten, bomen en bloemen

Op een berg groeien vaak heel veel planten en bomen. En ook bloemen. Verder leven er dieren op de bergen. Maar hoe hoger je komt op een berg, hoe minder planten en dieren er leven. Het is er dan te koud voor planten en dieren. Op de toppen(3) van de bergen zie je daarom vaak alleen maar rotsen(4).

Sneeuw
In de winter zijn bergen vaak besneeuwd. In Oostenrijk bijvoorbeeld. Maar op veel hoge bergen ligt niet alleen in de winter sneeuw. Ook in de zomer zie je daar sneeuw. Het is daar zo koud dat er altijd sneeuw ligt.

Klimmen
Op een aantal bergen kan je goed wandelen en fietsen. Maar op sommige bergen is het te moeilijk om te lopen of te fietsen. Deze bergen zijn te steil(5) of er zijn teveel rotsen. Deze bergen kun je wel beklimmen(7). Mensen die bergen beklimmen gebruiken speciale touwen. En ze hebben speciale schoenen.

 

klimmen                  een berg is steil                                         de top                                                     speciale klimtouwen

Hoog
Bij het klimmen kan je last krijgen van de hoogte. Dat  kan gebeuren als je boven de 2000 meter bent. Als je te snel klimt, kun je misselijk(8) worden. Of je krijgt hoofdpijn.

Nederland
In ons land zijn geen hoge bergen. Er zijn wel lage bergen en heuvels(6). De hoogste berg in Nederland is de Vaalserberg. Deze berg is 320 meter hoog.

WoordBetekenis
1. de wereld
de aarde
2. een heleboel
heel veel
3.  de top
de bovenkant, helemaal boven op de berg
4. rotsenstenen op een berg
5. steilhet gaat heel snel omhoog
6. heuvelkleine berg
7. klimmennaar boven gaan
8.misselijk
als je je ziek voelt, en je eten komt bijna naar buiten

Oefening 2

Sluit Menu