Gratis Nederlands leren
Lees eerst de opdracht. Lees ook het voorbeeld en de woordenlijst. Maak dan de oefeningen. Druk daarna de schrijfopdracht af en maak hem.
opdracht
Je schrijft een korte tekst over een huis waar je vroeger woonde. Geef antwoord op de vragen:
– Waar woonde je?
– Wanneer woonde je daar?
– Hoe zag het huis eruit?
– Hoeveel kamers had het huis?
– Met wie woonde je daar?
– Wat was er leuk aan dat huis? Waarom?
1. het balkon ![]()
2. de tuin![]()
Ik woonde vroeger in een appartement.
Ik woonde daar tien jaar geleden.
Het huis was nieuw en groot.
Het huis had een woonkamer en drie slaapkamers.
Ik woonde daar met mijn ouders, mijn zus en twee broers.
We hadden geen tuin, maar een groot balkon.
Daar aten we in de zomer.
Ik sliep met mijn zus op een kamer.
Het was leuk en gezellig, maar soms hadden we ruzie.
Dan was het niet leuk.
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij en onze partners technologieën zoals cookies om informatie over het apparaat op te slaan en/of te openen. Toestemming voor deze technologieën stelt ons en onze partners in staat om persoonlijke gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site te verwerken en om gepersonaliseerde en niet-gepersonaliseerde advertenties te tonen. Als u geen toestemming geeft of deze intrekt, kan dit invloed hebben op bepaalde functies.
Klik hieronder om in te stemmen met het bovenstaande of om specifieke keuzes te maken. Je keuzes zullen alleen worden toegepast op deze site. Je kunt je instellingen te allen tijde wijzigen, inclusief het intrekken van je toestemming, door gebruik te maken van de knoppen op het Cookiebeleid of door te klikken op de knop 'Toestemming beheren' onderaan het scherm.