Gratis Nederlands leren
Klik op de startknop en luister naar het liedje.
Geef antwoord op de vragen in Oefening 1.

Luister nog een keer naar het liedje en lees de tekst.
Geef daarna antwoord op de vragen in Oefening 3.
Jantje was aan het wandelen op het Leidseplein.
Toen vond hij een rijksdaalder(1), en dat vond hij fijn.
Hij kocht er zoute pinda’s voor, sigaretten en drop.
Kortom(2): in no time(2) waren al zijn centen op.
Maar hij werd geschaduwd(3) door een brigadier(4).
Die zei tegen Jantje: “Hé, kom jij maar eens hier.
Ik weet niet of je het weet, maar rijksdaalders op straat
zijn verloren goederen(5) en horen aan de staat.”
Hij werd geschaduwd door een brigadier
De rechter zei: “Hé Jantje, weet jij wel wat je bent?
Dat noemen wij juridisch(6) jeugddelinquent(7).
Een schande voor je ouders, je toekomst naar de maan(8),
want als je later groot bent, krijg je nooit een goede baan.”
De rechter zegt: ‘Je bent een jeugddelinquent!’
“Stik maar(9)”, zei Jantje, “met die kouwe kak(10).
Ma is de hort op(11) en pa zit in de bak(12).
Wat die er van zeggen, lap ik aan mijn schoen(13)
en als ik later groot ben, zorg ik zelf wel voor mijn poen(14).”
Toen haalde men er een heel stel psychologen bij,
die vonden hem gevaarlijk voor de maatschappij.
Vandaag een rijksdaalder en morgen een kluis(15).
Hupsakee, de bajes(16) in en weg met dat gespuis(17).
Op zijn verjaardag zat Jantje in de cel.
Er kwam geen visite, maar cadeautjes kreeg hij wel.
Ma stuurde hem een ijzerzaag, pa stuurde hem een boor.
“Daar gaat hij dan”, zei Jantje, en ging er vandoor.
Pa stuurde hem een ijzerzaag, ma stuurde hem een boor
Buiten de bajes zag hij een auto staan.
“Die leen ik maar”, zei Jantje, zo gezegd, zo gedaan.
Maar in een scherpe bocht kreeg die kar(18) een lekke
band,
sloeg zeven maal over de kop(19) en vloog in de brand.
![]()
![]()
![]()
De kar kreeg een lekke band, sloeg over de kop en vloog in de brand
Hiermede eindigt het verhaal van onze held(20).
Een blues voor Jantje zongen de vogels in het veld.
“Jezus”, zei de dominee, “sta zijn zieltje(22) bij(21).”
Maar Jantje had er maling aan(23), want Jantje was vrij.
Jantje was vrij.
Jantje was vrij.
* : deze woorden zijn “informeel”; ze horen bij de “taal van de straat”.


Luister nog een keer naar het liedje.
Vul de woorden in (let op: de eerste letter staat er al).
Tip: klik op ‘Pauze’ als je een woord wilt invullen!
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij en onze partners technologieën zoals cookies om informatie over het apparaat op te slaan en/of te openen. Toestemming voor deze technologieën stelt ons en onze partners in staat om persoonlijke gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site te verwerken en om gepersonaliseerde en niet-gepersonaliseerde advertenties te tonen. Als u geen toestemming geeft of deze intrekt, kan dit invloed hebben op bepaalde functies.
Klik hieronder om in te stemmen met het bovenstaande of om specifieke keuzes te maken. Je keuzes zullen alleen worden toegepast op deze site. Je kunt je instellingen te allen tijde wijzigen, inclusief het intrekken van je toestemming, door gebruik te maken van de knoppen op het Cookiebeleid of door te klikken op de knop 'Toestemming beheren' onderaan het scherm.